op vakantie, vijftig jaar geleden



Vroeger als kind gingen we jaren achtereen op vakantie in Drenthe, en wel in Ruinen. De reis erheen duurde eeuwen, zo leek het. Twee uur lang in de auto , een hele zit.

Mijn moeder pakte van tevoren de koffers in, die werden op het imperiaal boven op de auto vastgesnoerd met spinnen.

Het opladen en vastmaken van de bagage deed mijn vader altijd, en liet zich dan assisteren door een van ons kinderen, want als hij dat samen met mijn moeder deed  werd het oorlog.

In Ruinen aangekomen betrokken we ons houten huisje in vakantie park de Wiltzangh.

Gelegen in het bos, hartstikke leuk, heel veel buiten spelen , speeltuintje was erbij, wat wil een kind nog meer.




Vlakbij was een paardenboerderij, daar huurden mijn ouders dan een karretje met pony ervoor. Mijn vader op de bok, om te mennen. Dat ging niet altijd zonder slag of stoot, de paardjes hadden een duidelijke eigen wil. Dan liepen ze hun vaste ronde door het bos, en opeens gooiden ze het anker uit, en verzetten geen poot/been meer. 

Mijn vader van de bok af, trekken aan de teugels, geen beweging in het dier te krijgen. Het  ging vervolgens lekker gras staan eten, en na vijftien minuten mopperen en aansporen vervolgde het beestje weer zijn weg. 

Rustig stapvoets, tot op een gegeven moment de boerderij in zicht kwam, dan ging het opeens een stukje sneller.

Vaste prik was ook wandelen op de heide. Daar mochten we van mijn moeder alleen maar lopen met kaplaarzen aan, omdat er een addertje onder het gras kon zitten.

De schaapskudde liep daar rond, en elk jaar woonden wij het schaapscheerdersfeest bij. Als kind begreep ik het niet, wilde ik niet kijken, ik dacht dat de schapen gedood werden.

Fietsen huren kwam elk jaar terug. Toen ik in de pubertijd kwam ( op elf jarige leeftijd was dat al het geval) vond ik het vreselijk om met mijn ouders te moeten fietsen. Ik ging een kilometer voor of achter hun rijden, want stel je voor dat we leuke jongens zouden passeren, en die zouden zien dat ik als een brave Hendrik(a) achter mijn vader aan fietste , dat was wel het laatste wat ik wilde!

En ook in de vakantie was er geen ontkomen aan, naar de kerk, op zondag. Dat vond ik thuis al erg, maar hier in Drenthe was het echt  tenhemelschreiend .

In die tijd was  uit eten gaan geen optie, mijn moeder kookte in het vakantiehuisje. Omdat mijn ouders de oorlog meegemaakt hadden werd er zuinig met eten omgesprongen. 

Ik herinner me dat we vertrokken nadat onze twee weken in de Wiltzangh voorbij waren, we reden richting de uitgang van het vakantieparkje. De beheerder kwam achter de auto aan rennen, en vroeg mijn moeder nog even terug te komen. In een kastje van het keukentje stond nog een pannetje met een restje gekookte aardappelen. Dat bewaarde mijn moeder om de volgende dag op te bakken. Het stond er al wat langer, want de inhoud van het pannetje  was groen uitgeslagen.

Ik ben later nog wel eens naar Ruinen terug gegaan, om in mijn eentje herinneringen op te halen. Langs alle plekjes gefietst waar ik vijftig jaar eerder met mijn ouders, zus en broer geweest was.

Dat doen mijn kinderen nu met Terschelling, zij hebben ook hun mooie en minder geslaagde herinneringen aan die vakanties.

Daarover vertel ik wel een andere keer.


Reacties

  1. Wat een leuke anekdotes! Leuk kijkje in uw familie! 😘

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Dank je Henk, het is zo leuk om terug te gaan in de tijd

      Verwijderen

Een reactie posten

Populaire posts van deze blog

loslaten

Mevrou &Co

Een boekje open doen